Naslag · niet om mee te oefenen

10 vragen over werk en inkomen — met antwoorden

Op deze pagina staan de vragen van thema 1 mét het juiste antwoord en de uitleg. Gebruik hem als naslag of om na het oefenen uw fouten terug te lezen.

Wilt u uzelf toetsen? Ga dan naar de oefenpagina van thema 1 — daar staan de antwoorden niet bij.

  1. 1.Fatima wil gaan werken in Nederland. Hoe kan zij zich voorbereiden op werk?

    • AVia de woningbouwvereniging
    • BVia de Module Arbeidsmarkt en Participatie (MAP) of scholing← juist
    • CVia de tandarts

    Uitleg: Inburgeraars kunnen zich via de MAP of via scholing voorbereiden op werk (eindterm 1.1.1).

    Eindterm 1.1.1

  2. 2.Wat wordt er van een inburgeraar verwacht als het gaat om inkomen?

    • ADat hij zich inspant om zelf een inkomen te verwerven← juist
    • BDat hij stopt met werken
    • CDat hij wacht tot de gemeente geld geeft

    Uitleg: Van inburgeraars wordt verwacht dat zij zich inspannen om zelf een inkomen te verwerven (eindterm 1.1.1).

    Eindterm 1.1.1

  3. 3.Youssef is inburgeraar en heeft nog geen werk. Wat wordt er van hem verwacht?

    • ADat hij zelf probeert een inkomen te verdienen← juist
    • BDat hij wacht tot de gemeente werk voor hem regelt
    • CDat hij eerst een eigen bedrijf begint

    Uitleg: Van een inburgeraar wordt verwacht dat hij zich inspant om zelf een inkomen te verwerven (eindterm 1.1.1).

    Eindterm 1.1.1

  4. 4.Sara volgt de Module Arbeidsmarkt en Participatie. Waarvoor dient deze module?

    • AZij bereidt zich voor op aangeboden werk← juist
    • BZij leert er zelf een woning mee zoeken
    • CZij regelt er een verzekering voor de zorg

    Uitleg: Met de Module Arbeidsmarkt en Participatie (MAP) of met scholing kun je je voorbereiden op aangeboden werk (eindterm 1.1.1).

    Eindterm 1.1.1

  5. 5.Wat betekent de afkorting MAP in het inburgeringsprogramma?

    • AModule Arbeidsmarkt en Participatie← juist
    • BEen vergunning om te mogen werken
    • CEen cursus Nederlands op de werkvloer

    Uitleg: MAP staat voor Module Arbeidsmarkt en Participatie; met deze module kunnen inburgeraars zich voorbereiden op werk (eindterm 1.1.1).

    Eindterm 1.1.1

  6. 6.Ahmed zoekt een baan. Waar vindt hij in Nederland vacatures?

    • ABij het consultatiebureau
    • BIn online vacaturebanken← juist
    • CBij de rechtbank

    Uitleg: In Nederland staan vacatures vooral in online vacaturebanken (eindterm 1.1.2).

    Eindterm 1.1.2

  7. 7.Youssef zoekt werk. Zijn vriend werkt bij een bedrijf dat mensen zoekt. Wat kan Youssef doen?

    • AZijn eigen netwerk inschakelen← juist
    • BNaar het ziekenhuis gaan
    • CDe politie bellen

    Uitleg: Je kunt je eigen netwerk inschakelen om werk te vinden (eindterm 1.1.2).

    Eindterm 1.1.2

  8. 8.Maria wil via een uitzendbureau werken. Wat moet zij doen?

    • ANaar de apotheek gaan
    • BEen huis kopen
    • CZich inschrijven bij een uitzendbureau← juist

    Uitleg: Je kunt je inschrijven bij uitzendbureaus om werk te vinden (eindterm 1.1.2).

    Eindterm 1.1.2

  9. 9.Een bedrijf vraagt bij een sollicitatie om een cv. Wat is een cv?

    • AEen overzicht van je opleiding en werkervaring← juist
    • BEen brief van de gemeente
    • CEen recept van de dokter

    Uitleg: Bij een sollicitatie is het gebruikelijk een sollicitatieformulier, sollicitatiebrief of cv te gebruiken (eindterm 1.1.2).

    Eindterm 1.1.2

  10. 10.Karim heeft een sollicitatiegesprek. Wat is verstandig?

    • AAlleen ja en nee zeggen
    • BZich goed voorbereiden op het gesprek← juist
    • CNiet komen opdagen

    Uitleg: Een sollicitatiegesprek vraagt om voorbereiding (eindterm 1.1.2).

    Eindterm 1.1.2

Nog 61 vragen in dit thema

Hierboven staan de 10 gratis vragen. De overige 61 vragen van dit thema — en de volledige bank van alle acht thema's — horen bij KNM Compleet.

Antwoorden van andere thema's

10 KNM-vragen over werk en inkomen — met antwoorden | KNM Examen